Het onderzoek

[nextpage title=”Het onderzoek
Fase 1″ ]Binnen de Stichting DovenShoah ontstond de wens om de geschiedenis van Joodse Dove slachtoffers van de Shoah te onderzoeken en bekend te maken, onder andere door een website te maken. Het onderzoek dat tot nu toe gedaan is bestaat uit drie fasen, met bijbehorende resultaten.

Voorafgaand: de term ‘doofstom’ wordt vandaag de dag door doven als onnodig beledigend, kwetsend en stigmatiserend ervaren. Deze term wordt dan ook niet gebruikt in ons onderzoek. Waar het gaat om originele benamingen en teksten zijn wij echter verplicht om deze term te gebruiken. Waar het mogelijk en verantwoord is, vervangen wij deze term voor ‘doof’.

Fase 1

In de eerste fase is gezocht naar de namen van slachtoffers uit de Shoah die zowel Joods als Doof waren. Hierbij stuitten wij al direct op een belangrijk probleem: hoe te achterhalen welke Shoah-slachtoffers doof waren?
Er is daarom een oproep gedaan binnen de Nederlandse Joodse gemeenschap, door berichten te plaatsen in tijdschriften, kranten en te sturen aan godsdienstige genootschappen en andere organisaties. Dit leverde zeer weinig resultaat op, wat betekent dat wij geen zicht hebben op het aantal Joodse Doven dat privé-onderwijs kreeg.

Tegelijk met de oproep in de Joodse gemeenschap is begonnen met het bekijken van de leerlingenlijsten van alle vijf doveninstituten. De uitvoering lag in handen van Corrie Tijsseling en Henk Betten.
Het is gebleken dat alleen de drie openbare instituten Joodse leerlingen hadden, namelijk de instituten in Groningen, Rotterdam en Amsterdam. Tot aan de Tweede Wereldoorlog werd in de leerlingenlijsten van het Groningse instituut voor elke leerling genoemd wat zijn of haar godsdienst was. Het Rotterdamse instituut noteerde tot aan het jaar 1912 de godsdienst van leerlingen in de leerlingenlijsten die in de jaarverslagen bijgesloten waren, daarna niet meer. Het Amsterdamse instituut noteerde de godsdienst in leerlingenboeken.

Alle leerlingen die als Nederlands-Israëlitisch of Portugees-Israëlitisch genoteerd staan in jaarverslagen, leerlingenlijsten of leerlingenboeken zijn verzameld en genoteerd. Alle familienamen of volledige namen van leerlingen bij wie de godsdienst niet vermeld staat, zijn opgezocht in de database van het Joods Monument om zo te bezien wie van Joodse afkomst en/of Shoah-slachtoffer was.

Het uiteindelijke resultaat van fase 1:
In de periode 1785 tot 1945 hadden de drie doveninstituten te Groningen, Rotterdam en Amsterdam gezamenlijk 380 Joodse leerlingen. 188 Joodse leerlingen en oud-leerlingen van de drie doveninstituten zijn in de Shoah vermoord.
Het oudste slachtoffer is Salomon Swaab, geboren in 1857. Hij was 85 jaar toen hij in 1943 in Sobibor om het leven kwam. Het jongste slachtoffer is Rosa Struch, geboren in 1939. Zij was 3 jaar toen zij in 1942 in Auschwitz om het leven kwam.

Monument

Op 17 oktober 2010 werd op het Hortusplantsoen te Amsterdam het Monument ter gedachtenis aan alle Joodse Dove Shoah-slachtoffers ter wereld onthuld.
Bij die onthulling zijn voor alle Joodse Dove Shoah-slachtoffers rouwadvertenties gemaakt. Tijdens en na de onthulling van het genoemde monument zijn wij benaderd door nabestaanden van deze slachtoffers. Daardoor is onze database uitgebreid naar het huidige aantal van 193 Joodse Dove slachtoffers van de Shoah.
[/nextpage]
[nextpage title=”Het onderzoek
Fase 2″ ]

Fase 2

Nadat de namen van Joodse Dove Shoah slachtoffers bekend waren groeide de nieuwsgierigheid naar de personen achter de namen. Bovendien leidde de onthulling van het Monument ertoe dat niet-Joodse oud-leerlingen van de doveninstituten begonnen te vertellen over hun Joodse klasgenoten. Er werd besloten om op zoek te gaan naar de verhalen achter de namen.
Voor elk instituut werd een aparte werkgroep opgezet die aan de slag ging om de verhalen achter de namen van de Joodse Dove slachtoffers van dat instituut te achterhalen. Dit waren de werkgroepen Groningen, Rotterdam en Amsterdam.
De werkgroepen benaderden oud-leerlingen van de instituten uit die plaatsen en organiseerden individuele interviews en groeps-interviews.
Alle interviews werden uitgevoerd door gebarentaalgebruikers, en opgenomen op film. Naderhand zijn de interviews uitgetypt. Het doel van de interviews was om oud-leerlingen te laten vertellen wat zij zich nog herinnerden van hun Joodse medeleerlingen: wie zij waren, hoe zij waren en wanneer zij van school verdwenen. Ook is oud-leerlingen gevraagd om foto’s en documenten zoals brieven.
Daarnaast zijn tijdschriften en documenten van de dovengemeenschap onderzocht op informatie over de slachtoffers.
[/nextpage]
[nextpage title=”Het onderzoek
Fase 3″ ]

Fase 3

In deze fase zijn de resultaten van fasen 1 en 2 samengevoegd met als eindresultaat een database van Joodse Dove Shoah slachtoffers.
Bij een aantal van die slachtoffers is nu ook de persoon, het verhaal achter de naam bekend.
Alle gevonden informatie is gepubliceerd op deze website. De website is gemaakt door Hilde Salverda, Ingrid Jansen en Corrie Tijsseling.

Vervolg

Het werk zit er niet op, nu de website klaar is. Nog steeds wordt nieuwe informatie gevonden. De informatie op deze website zal dan ook in de komende jaren aangevuld worden met nieuwe vondsten.

Heeft u extra informatie over de slachtoffers op deze website of fotomateriaal,
of informatie over Joodse dove mensen die nog niet op deze website te vinden zijn?

Wij zijn heel blij met alle extra informatie, foto’s of tijdschriften!
U kunt contact met ons opnemen via ons mailadres.
[/nextpage]